Waarheid

Waarheid ontspant.
Gedragen door woorden
voor wie het kan horen.
Nog schoner dan water,
nog lichter dan lucht.

Waarheid, ontspan me,
zing tot mij, 
mijn oren heb ik geopend
al ben ik bang.
Ik weet dat jouw hand mij enkel
juiste wegen wijst.

Schijn heldere stralen
en ik aanschouw wat ik verstopte al die jaren.

Waarom vecht ik nog, 
sputter ik,
waarom verzet ik mij.
Waarom mij niet laten dragen.
Blind loop ik tot jij het licht ontsteekt.
Zo helder, onmiskenbaar,
toch onberekenbaar.

Waarheid, jij naakte,
jij hoeft je niet te kleden.
Juist kleed jij uit, onthul je.
Met stormen die op blaren blazen.

Ik hoor jou steeds vaker 
en steeds liever.
Zie ogen stralen,
wangen blozen.
Stiltes hoor ik vallen
als jij harten kietelt.

Ik sputter wel en vecht wel
tot ik opgeef,
jij weer door de zon heen komt,
door de woorden heen spreekt, 
als een moeder met haar kleine
die aan zijn kreetjes hoort hoe zij kan dienen.

Ik ren wel tot je zingt en kietelt
en vergeef me, waarheid.
Spreek tot me.
Zeg me dat ik jou ben 
en jij mij was
en niets anders.